Workshop ‘Coachen tijdens wedstrijden’

Maandag 11 maart gingen wij op uitnodiging van SV Schalkhaar, naar de workshop ‘Coachen tijdens wedstrijden’. Hierbij kwamen de belangrijkste punten van het coachen naar voren: welke kwaliteiten gewenst zijn, maar ook de sociale aspecten zoals normen en waarden kwamen aan bod. De uitgangspunten van deze workshop waren: samen is veel leuker, zonder communicatie kan niemand en een heldere lijn is de sleutel tot succes. De workshop werd gegeven door de bondscoach van het Nederlands Handbal team, Henk Groener.

Na een korte kennismaking werd gevraagd enkele knelpunten te noemen, waar wij tegenaan liepen tijdens het coachen. Dit varieerde van ‘het gevoel hebben dat niemand je hoort’ tot ‘hoe kan ik het beste de groep positief coachen’ tot ‘hoe zorg ik ervoor dat iedereen evenveel aandacht krijgt’. Op al deze vragen kregen wij antwoord van de bondscoach, maar ook geregeld van anderen uit de groep.

Het gevoel hebben dat niemand je hoort in een wedstrijd is heel normaal. Wanneer kinderen het veld inkomen, zitten ze helemaal in hun eigen beleving en denken ze niet meer aan wat eerder gezegd is. Zoals met een mooi voorbeeld genoemd werd: ‘zet de kinderen maar in het veld, de bal vinden ze vanzelf wel een keer’. Kinderen zitten helemaal in hun eigen wereld en dan kan het voorkomen dat je kan schreeuwen wat je wil, maar dat je het gevoel krijgt dat geen enkele speelster jou hoort. Wat voor vele coaches is uit te proberen wanneer je dit gevoel hebt, is om juist minder vaak wat te roepen. En als je dan wat roept, kan je het best eerst de naam van het kind roepen, dan heb je gelijk de aandacht.

Want tien individuen die komen handballen, probeer daar maar eens een team van te maken. Belangrijk hierin is gemeenschap. Zo draag je bijvoorbeeld dezelfde kleur shirt, speelt iedereen met dezelfde bal en houdt iedereen zich aan dezelfde afspraken. Wanneer deze gemeenschap er niet is, zal iedereen zijn eigen gang gaan. Iedereen moet het gevoel krijgen dat zij er bij horen en laat zij ook het gevoel hebben dat het team centraal staat. Om het team heen komt de begeleiding en daar weer omheen komen de ouders en het bestuur.

Zoals ook bij de theatervoorstelling: ‘Wel winnen, hè!’ duidelijk naar voren kwam, is dat bij het sporten het scorebord helemaal niet belangrijk is. Bij alles wat we doen, worden we afgerekend op onze fouten en er wordt minder vaak gekeken naar de dingen die goed gaan. Bij een tentamen op school worden ook alleen de fouten aangekruist. We zijn te veel resultaatgericht, de winst telt en wie het meest gescoord heeft, is de beste. Maar handbal is zo veel meer dan alleen maar doelpunten maken. Je moet ook zorgen dat je zo min mogelijk doelpunten tegen krijgt. Iemand die niet scoort, maar wel ontzettend goed staat te verdedigen, kan net zo goed de beste van het veld zijn, aldus Henk Groener.

Wanneer het resultaat niet zo belangrijk is, kan er meer ontwikkelingsgericht gecoacht worden. Zo gaf een deelnemer aan dat wanneer het team met 7-2 achterstond, de koppies al begonnen te hangen. Wat je dan kan doen om het team te motiveren, is bijvoorbeeld het tellen van goede passes naar elkaar. Dan benadruk je niet de doelpunten en niet het resultaat, maar heeft het team wat om voor te gaan en zullen zij zorgvuldiger samen gaan spelen. Op die manier blijven speelsters zich wel ontwikkelen.

Dit resultaatgerichte zie je ook terug bij ouders en/of familie. Het eerste wat gevraagd wordt na een wedstrijd is: ‘Heb je nog gewonnen?’, gevolgd door de vraag: ‘Heb je nog gescoord?’. Wat ook vaak gebeurt is dat ouders tijdens een wedstrijd in de rol van trainer/coach kruipen. Zij vertellen de kinderen vanaf de tribune wat zij wel of juist niet moeten doen. Dan krijgt een speelster én van de trainer/coach aanwijzingen waar naar geluisterd moet worden én van de ouders vanaf de tribune. Aangezien deze aanwijzingen regelmatig tegenstrijdig zijn, zal de speelster daar alleen maar onzeker van worden. Henk gaf hierbij een voorbeeld van een jeugd EK, waar iemand alleen in de break out was. Vanaf de tribune werd er door de ouders geroepen: ‘geen lobje!’. Ten eerste komt het lobje ineens in beeld en ten tweede raak je daarvan afgeleid en word je daar onzeker van. Uiteindelijk had deze speelster niet gescoord. Wat Henk hiermee duidelijk probeerde te maken, is dat ouders tijdens wedstrijden niet in de rol van trainer/coach moeten gaan kruipen, maar er juist moeten zijn om hun kind te troosten bij teleurstellingen en mee te delen in vreugde.

Wat ook belangrijk is, is dat je juist niet de nadruk moet leggen op de dingen die iemand niet moet doen, maar op de dingen die wel gedaan moeten worden. Als eerst wordt altijd gedacht aan het doen, terwijl pas later het woordje niet er aan gekoppeld wordt. Bijvoorbeeld als iemand je vraagt om niet aan een roze olifant te denken, is het eerste wat je in gedachten naar voren haalt een roze olifant. Pas later komt het woordje niet erbij, maar dan is het te laat. Zo is het ook in de handbalsport, er kan beter aandacht besteedt worden aan de dingen die wel gedaan moeten worden.

Wat bij kinderen ook helpt, zijn het maken van duidelijke afspraken. Het liefst voordat een seizoen begint en waar nodig nog meerdere keren tijdens het seizoen. Bij het maken van deze afspraken vraag je het team hoe ze met elkaar om willen gaan, wat ze goed vinden en wat niet en hoe je het seizoen samen tot een succes kan maken. Tussen trainer/coach en speelsters kunnen ook afspraken gemaakt worden, dit werkt beter dan het laten uitvoeren van opdrachten. Bij een opdracht wil jij als trainer/coach dat er iets uitgevoerd wordt door jou speelster. Bij een afspraak kan je iemand op zijn/haar gedrag corrigeren. Wanneer de afspraak is gemaakt om over te spelen (en dus niet het benadrukken van het niet gaan stuiteren, zoals eerder is aangegeven), kan je een speelster daarop attenderen.

Wij hebben enorm veel geleerd van deze leerzame avond en zullen deze tips zo goed mogelijk in de praktijk brengen. Want zoals de bondscoach zegt: we gaan het niet proberen, we gaan het gewoon doen!

Zijn positieve aanpak blijkt ook uit een zes jaar durend onderzoek, waarbij hij is gevolgd bij het coachen van zijn wedstrijden. Hieruit blijkt dat bij Henk Groener 97% van zijn aanwijzingen tijdens de wedstrijd positief en probleemoplossend zijn. En dat is voor een bondscoach van het Nederlands Handbal team toch een mooi positief resultaat!

Hiermee willen wij Donic Bloemen van SV Schalkhaar bedanken voor het organiseren van deze avond en Henk Groener voor de leuke, leerzame, maar bovenal positieve avond!

Sharon en Anouk Schiphorst & Mary en Milou Oosterwijk.

Algemeen

1 response to Workshop ‘Coachen tijdens wedstrijden’


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *